Werktafelsessies: inleven en inspraak

Foto: Aad Hoogedoorn

Op vrijdag 4 november vond het Stadmakerscongres plaats in Theater Zuidplein. We waren aanwezig bij twee drukbezochte en bruisende werktafelsessies: Rotterdam 2125: Weer verandert de stad in de Kleine Zaal en Zeggenschap van bewoners in Zaal Z. Wat brachten de deelnemers mee naar deze sessies, maar vooral ook: welke nieuwe kennis en ervaringen nemen we allemaal weer mee naar huis?

Groene connecties

“Ik ben met Overschie bezig”, zegt een deelnemer gedecideerd terwijl ze zonder schoenen op haar knieën over een enorme kaart van Rotterdam kruipt. Rotterdam 2125: Weer verandert de stad is al begonnen nog voordat iedereen in de zaal is. Ze maakt een verbinding met felgekleurde tape, terwijl haar collega-deelnemers potjes en andere attributen op het papier plaatsen. Deelnemer Laura de Nijs, integraal beheerder buitenruimte bij de gemeente Rotterdam kijkt toe en legt uit. “Op deze kaart brengen we alle groene connecties in de stad in beeld. Kijk: die potjes geven moestuinen weer en de zwarte slinger markeert een vleermuizenroute. Door die netwerken allemaal te duiden, ontdek je ook waar zich missing links bevinden. Eigenlijk maken we hier dus het onzichtbare zichtbaar.”

Rotterdam 2125: Weer verandert de stad. Foto: Aad Hoogedoorn

Winnen is samenwerken

De werktafelsessie Rotterdam 2125: Weer verandert de stad draait volledig om een klimaatbestendig Rotterdam in 2125. Hoe kunnen we nu al op die toekomst inspelen? Naast de kaart bestaat de sessie uit vier tafels waar deelnemers zich in korte tijd in vier verschillende thema’s vastbijten en twee tafels waar een serious game wordt gespeeld onder leiding van stedenbouwkundigen van PosadMaxwan. Deelnemers krijgen een persona en dienen de wensen en belangen van deze fictieve persoon zo goed mogelijk te behartigen. Denk aan een groenere route tussen woning en werk of meer wandel- en fietspaden. Winnen is bij deze serious game niet aan de orde; je speelt het spel zo goed mogelijk door onder de huid te kruipen van je persona en optimaal met je tafelgenoten samen te werken. Al snel ontdekken de deelnemers dat het ideale Rotterdam in 2125 voor de een niet hetzelfde is als voor de ander.

Felle discussies

Aan de andere zijde van het toneel rouleren groepjes deelnemers tussen vier themagerichte tafels onder leiding van Floor van den Bergh en Emiel Arends van het Rotterdams WeerWoord, een initiatief van de gemeente, waterschappen en Evides. De thema’s zijn ontleend aan het recent gepubliceerde boek van het Rotterdams WeerWoord getiteld Weer verandert alles en zijn als volgt: ‘Verdichten in hoogstedelijk gebied’, ‘Wonen en werken in de diepe polders’, ‘Vitaliteit van de oude stadswijken’ en ‘Toekomst van het buitendijks gebied’. Bij elk thema horen drie perspectieven waar deelnemers in slechts tien minuten een reactie of reflectie op kunnen geven, voordat ze weer moeten doordraaien naar de volgende tafel.

“Dat we hier met zo’n diverse club aan mensen zitten,

maakt het nog eens extra leuk.”

Karin Wolf, architect

De discussies lopen soms hoog op. “En dat is leuk”, vertelt deelnemer en architect Karin Wolf. “Ik vind het heel interessant om buiten de grenzen van mijn eigen perspectief te treden en de reacties van anderen te horen. De perspectieven die we krijgen voorgeschoteld zijn soms behouden, maar soms ook heel ingrijpend. Felle discussies vinden juist plaats als we die extremen opzoeken. Dat we hier met zo’n diverse club aan mensen zitten, maakt het nog eens extra leuk. Er zijn ambtenaren en architecten, piepjonge studenten en ervaren specialisten.”

Werktafelsessie tijdens Rotterdam 2125: Weer verandert de stad. Foto: Aad Hoogedoorn

Geen pleisters plakken

Vooral de perspectieven bij het thema over verdichten in hoogstedelijk gebied doen veel stof opwaaien. Het toekomstvisioen waarin gebouwen waterbuffers en plekken voor verkoeling zijn klinkt wellicht aantrekkelijk, maar heeft vooral een ondergronds leven tot gevolg. “Dit moeten we niet willen!”, roept een deelnemer verschrikt. “Rotterdam kan en mag geen Qatar worden.” Tegelijkertijd worden de perspectieven die te eenvoudig en te weinig ambitieus zijn genadeloos met de grond gelijkgemaakt. “We moeten problemen oplossen, geen pleisters plakken”, is een veelgehoorde uitspraak onder de deelnemers.

De drijvende stad

Deelnemer Di Fang is vooral enthousiast over het thema ‘Wonen en werken in de diepe polders’ en dan met name het perspectief dat een drijvende wijk voorstelt – hoge gebouwen op palen, drijvende nieuwbouw en wandel- en fietspaden. “Als stedenbouwkundige heb ik veel verstand van land, maar wil ik ook veel meer weten over water. Dit perspectief blijft overeind bij een overstroming – een heel reëel perspectief. Wat me wel opvalt is dat we hier heel human centric te werk gaan. Ik had een focus op het mariene leven ook heel interessant gevonden.”

Aan Emiel Arends de schone taak om Rotterdam 2125: Weer verandert de stad af te ronden. Maar dat vindt hij, met alles wat hij al rondlopend door de zaal heeft meegekregen, knap moeilijk. Verbinden en inleven, dat is de rode draad van het afgelopen anderhalf uur, besluit hij. Met de persona’s aan de gametafels, op de grote kaart en tussen deelnemers en perspectieven aan de werktafels.

Zeggenschap van bewoners

Moderator Frans Soeterbroek begint de sessie Zeggenschap van bewoners met een naar eigen zeggen ‘trieste mededeling’: “Ik kom niet uit Rotterdam.” Zijn ruime ervaring met het vergroten van de rol van de samenleving in de ruimtelijke ordening en de stads- en buurtontwikkeling maakt gelukkig veel goed. De zaal is vol, stampvol. Langs de glazen achterwand van zaal Z staan zelfs mensen. Basisschooldocenten, (sociaal) ondernemers en burgerinitiatiefnemers, maar ook ambtenaren, onderzoekers en medewerkers van woningcorporaties en ontwikkelaars; iedereen staat te trappelen om een zegje te doen over zeggenschap.

De werksessie Zeggenschap van bewoners in Zaal Z. Foto: Aad Hoogedoorn

 

Ook deze sessie bestaat uit themagerichte werktafels, acht in totaal. Zoals ‘Urban sports in de publieke ruimte’, ‘Versterken van de beweging onder stadsvernieuwing 2.0’ en ‘De ambtenaar in de leefomgeving van bewoners’. Soeterbroek deelt aan elke tafel nog een cadeautje uit – concrete voorbeelden van zeggenschap in andere steden om te inspireren, zoals een stadstenderteam en het eerste biedingsrecht voor bewoners – en dan kunnen de discussies van start.

Save Museumpark

Interessant is de case rondom het Museumpark, die zowel aan de urban sports-tafel onder leiding van Jules Winants als aan de solidariteitstafel van Kim Butter een hoofdrol speelt. Cultureel wetenschapper Butter skateboardde al jaren op het grote plein van het Museumpark toen ze in 2021 op een nieuw inrichtingsplan stuitte en ontdekte dat de dagelijkse gebruikers van het plein niet werden meegenomen in de ontwikkeling van dat plan. Ze zette een petitie uit en richtte de actiegroep Save Museumpark op. De gemeente reageerde met een ‘participatieproces’ en een zak met geld. “Maar dat proces was demotiverend en uitputtend”, verzucht Butter. “Ik hoop dat we hier vandaag met z’n allen lering uit kunnen trekken.”

“Het participatieproces met de gemeente was demotiverend.

Laten we hier vandaag met z’n allen lering uit trekken.”

Kim Butter, werktafelleider, skater en cultureel wetenschapper

Want wat ging er precies mis? Als het aan de aanwezige ambtenaren ligt, kwam het niet door hen. Die groep skaters was immers lastig te bereiken. En ze hebben toch budget vrijgemaakt? Butter, Winants en medestanders geven aan dat het continu om het proces en formaliteiten ging en dat er te weinig een echt gesprek is geweest. Het geld is uiteindelijk door de gemeente uitgegeven aan een ondergrond die weinig prettig is om op te skaten. Het is soms pijnlijk om aan te horen hoe weinig de ambtenaren en de gebruikers met elkaar gemeen lijken te hebben. Hoe kunnen die twee belevingswerelden beter op elkaar worden aangesloten?

Schijnparticipatie

Te laat of helemaal niet worden geïnformeerd of betrokken is een kwestie die ook aan de andere tafels veelvuldig wordt besproken. John Buijsman, woonachtig op de Kop van Zuid, lucht zijn hart. “Ik kreeg een brief door de bus over verschillende opties voor het Rijnhavenpark. Het wekte de indruk dat ik kon kiezen, maar toen ontdekte ik dat er al lang en breed een plan lag ontworpen door een of ander Amsterdams architectenbureau. Dat is schijnparticipatie en werkt contraproductief. En uiteindelijk zit je met een park waarvoor je niet hebt gekozen. Ik wil betrokken worden bij het probleem, niet bij de oplossing.” Van wie is de stad? Van de bewoners of van de gemeente in hun ivoren toren, De Rotterdam?

Werktafelsessie bij Zeggenschap voor bewoners. Foto: Aad Hoogedoorn

Wijze lessen

Frans Soeterbroek maant iedereen tot stilte. De deelnemers hebben nog vijf minuten waarin ze per tafel bondige wijze lessen moeten formuleren. De lessen zijn veelal algemeen en activistisch, maar veel tafels lijken ongeveer dezelfde conclusies te hebben getrokken: ‘Geef bewoners eerder en meer inspraak’, ‘Maak de gemeente minder monsterachtig’ en ‘Laat ons de agenda bepalen’.

Uitkomsten delen bij Zeggenschap van bewoners. Foto: Aad Hoogedoorn

 

En soms is de wijze les heel concreet. Zou een mediator niet iets zijn, een onafhankelijke procesbegeleider die wordt aangestuurd door bewoners? Anne van Veenen, oud-directeur van Opbouwwerk Rotterdam, staat triomfantelijk op en vormt een paar seconden het middelpunt van de zaal. “Dat hebben wij decennialang gedaan met de ‘opbouwwerker’!” Het is ontmoedigend, maar tegelijkertijd ook hoopvol dat Rotterdammers al jaren met het bijltje van meer bewonersinspraak hakken. En doorzetten.