Traditiegetrouw opende Barbara Luns vanochtend het Stadmakerscongres. Lees hier haar openingsspeech terug.
“Welkom. Welkom allemaal. Namens het team van AIR, gemeente Rotterdam en de Van der Leeuwkring. Ik ben Barbara Luns directeur van AIR. Dank aan Theater Rotterdam dat ze ons dit jaar weer hier willen ontvangen.
Wederom een uitverkocht congres. Je kunt wel stellen dat de cultuur van samen stadmaken in deze stad leeft. Het is ontzettend mooi om te zien hoe we hier vandaag vanuit verschillende rollen samen komen om samen te werken aan een stad die ook op lange termijn betaalbaar, rechtvaardig, groen en weerbaar moet zijn.
De innovatiekracht van informele stadmakers
Bij die rollen wil ik even stilstaan. Want ook al is samen stadmaken wat ons bindt, er is wel een verschil vanuit welk perspectief we dat doen. Daarbij wil ik onderscheid maken tussen ruwweg twee categorieën. Allereerst zijn er de formele stadmakers. Daaronder verstaan we o.a. beleidsmedewerkers, ontwerpers, ontwikkelaars en adviseurs, van de gemeente en grote marktpartijen. Daarnaast zijn er de informele stadmakers. Initiatiefnemers die vaak vanuit een maatschappelijk perspectief opereren in het ruimtelijk domein met een initiatief rondom groen, zorg, wonen, energie, creatieve sector, of bijvoorbeeld nachtleven.
Deze informele stadmakers laten een enorme innovatiekracht zien. Er wordt, zeker in het domein van het formele stadmaken, veel gesproken over integraliteit en innovatie. Maar bij de initiatieven van informele stadmakers, wordt er niet alleen over gesproken, maar wordt het ook gedaan. Opgaven worden met elkaar verbonden: werk, sociaal met creativiteit of groen en voedsel met klimaat. Niet in silo’s of sectoren, maar er dwars doorheen. Dicht bij de belevingswereld van bewoners. Door te doen wordt geleerd en geïnnoveerd.
Mijn eerste stadmakerscongres was in 2018. We waren net opgekrabbeld uit de grote financiële crisis. Inmiddels verkeren we echter in een tijdperk waarin de crisissen zich opstapelen. En juist daarom zouden integraliteit en innovatiekracht nu alle ruimte moeten krijgen bij het maken van de stad. En hoewel ik zeker ook heel veel positieve ontwikkelingen zie, lijkt het niet goed te lukken om een structurele gelijkwaardige verbinding te maken tussen deze formele en informele werelden van het stadmaken. Want, zoals ik al zei, het stadmaken leeft. Dat wil echter niet zeggen dat het goed verankerd is.
Observaties en oproepen
Daarom enkele observaties en – om deze dag voortvarend te beginnen – ook gelijk enkele oproepen:
Aan de gemeente:
– Ten eerste: Zorg voor pluriformiteit in de manier waarop de stad ontwikkeld wordt! Dat er projectontwikkelaars nodig zijn om de vele ambities van de stad te verwezenlijken, is evident en belangrijk. Maar het kan niet zo zijn dat er hele nieuwe wijken worden gebouwd waar geen ruimte is voor alternatieven. Gemeente en politiek jullie zijn het aan de stad verplicht om ruimte te maken voor woningbouwcorporaties, voor coöperaties en voor andere collectieven bij het maken van de stad.
– Ten tweede. Stop dure participatieprocessen om buurtbewoners te betrekken bij nieuwe gebiedsontwikkelingen terwijl om de hoek maatschappelijke initiatieven van en voor diezelfde buurtbewoners continu moeten vechten om te overleven. Met veel onzekerheden over of de continuïteit van hun financiering. Investeer in initiatieven met een zuiver publiek-maatschappelijk belang. Zodoende worden lokaal gewortelde structuren beter zichtbaar, benaderbaar en kunnen ze partij zijn in formele ruimtelijke ontwikkelingen.
Aan de informele stadmakers:
– Eis je plek op aan tafel! Niet alleen maatschappelijk maar ook ruimtelijk strategisch. Wissel de enorme hoeveelheid kennis die er ook op het gebied van stedelijke ontwikkeling onder de verschillende initiatieven is opgedaan uit, en eis die plek aan tafel en in de stad op!
Aan jullie allemaal:
– Koester de informele stadmakers binnen de gelederen van het formele systeem! Zij proberen elke dag, soms tegen de klippen van datzelfde systeem op de benodigde bruggen te bouwen en verandering te weeg te brengen.
Tenslotte: We zitten in een tijd van transitie, waarbij we weten dat oude structuren wringen en op den duur onhoudbaar zijn, maar ook een tijd waarin we nog niet scherp hebben hoe we de wereld dan wel moeten organiseren. Hoe formele en informele praktijken verbonden kunnen zijn zie je vandaag terug in ons programma. Door nieuwe verbindingen te leggen en inspiratie te geven voor nieuwe ideeën hoopt AIR deze processen te versnellen zodat we samen 365 dagen per jaar kunnen stadmaken.”
